Denk eens terug aan de stand van de techniek in het jaar 2000. Mobiele telefoons begonnen net normaal te worden, terwijl de smartphones nog 10 jaar op zich zouden laten wachten. Een internetaansluiting thuis begon meer regel dan uitzondering te worden. Google was net opgericht, maar nog erg onbekend. Andere social media bedrijven, zoals Facebook, bestonden nog niet eens. Dat was de wereld van 25 jaar geleden.
Wat ik hiermee wil zeggen is dat technologische ontwikkelingen lastig te voorspellen zijn. We zijn op dit moment net zo ver verwijderd van 2000, als van het jaar 2050, het jaar waarin we klimaatneutraal zouden moeten zijn.
Heb je je wel eens afgevraagd waarom we met al die technologische ontwikkelingen, nog steeds een klimaatprobleem hebben? Waarom hebben we dat nog steeds niet opgelost met innovatie? Een deel van de verklaring is te vinden in de Jevons paradox. In dit artikel gaan we kijken naar wat die paradox is, wat voorbeelden van die paradox zijn en hoe we de paradox kunnen verslaan.
Wat is de Jevons paradox?
De Jevons paradox is vernoemd naar William Stanley Jevons (zie illustratie), een Brit die leefde tussen 1835 en 1882. In 1865 merkte hij op dat toen stoommachine een stuk efficiënter gemaakt werden, de vraag naar kolen niet afnam, maar juist toenam.
Dat was natuurlijk gek, want in principe waren er met de efficiëntere stoommachine, minder kolen nodig om hetzelfde werk te doen. Dus waarom nam de vraag naar kolen toe?

Simpele economische principes
In de tijd die volgde hebben economen hier over nagedacht. Uiteindelijk werd een verklaring gevonden in wat economen de prijselasticiteit van de vraag noemen. Simpel gezegd houdt dit in dat als een product goedkoper wordt, de vraag ernaar toeneemt, omdat meer mensen zich meer van het product kunnen veroorloven. Andersom geldt dit ook: als een product duurder wordt, kunnen minder mensen het zich veroorloven. Vrij logisch.
Het verschilt per product hoe ‘elastisch’ de vraag is. Bij eten is de vraag over het algemeen niet zo elastisch, omdat mensen simpelweg een bepaalde hoeveelheid eten nodig hebben. Bij luxegoederen geldt dat de elasticiteit relatief groot is.
Stel nu dat we een product hebben waarvan de prijs met name bepaald wordt door de energie die ervoor nodig is om het product te maken. En stel dat we een manier vinden om die energie te halveren. Dan kan de prijs dus door de helft.
Deze halvering van de prijs, zal zorgen voor een grotere vraag. Als de vraag hierdoor meer dan 2x zo groot wordt, dan is de uiteindelijke hoeveelheid energie die gebruikt wordt, groter dan voorheen. Dit heet de Jevons paradox.
Spaarlampen en LED-lampen
Iets bekender dan de Jevons paradox is het gerelateerde ‘spaarlamp-effect’. De overgang van gloeilampen naar spaarlampen had de potentie om het energieverbruik door verlichting flink te laten dalen. Helaas lieten mensen de lampen vervolgens langer branden en werden er meer lampen geïnstalleerd.

Hetzelfde gebeurt bij LED-lampen. De introductie van LED lampen maakt het plotseling veel goedkoper om enorme hoeveelheden lichtreclame in de openbare ruimte aan te brengen.
De efficiëntie van auto’s
Ken je onderstaande foto? Ook bij auto’s komen we de Jevons paradox tegen. Al decennia lang worden brandstofmotoren steeds efficiënter. Toch neemt de uitstoot van onze auto’s bij elkaar niet in dezelfde mate af. De reden? We gaan steeds grotere auto’s rijden en rijden er ook nog eens elk jaar verder mee. Omdat ik zelf vroeger een oude Fiat 500 heb gehad, is de onderstaande foto daarvan voor mij een prachtige illustratie:
Mijn oude Fiat 500 uit 1970 reed ongeveer 1:18, dus 1 liter benzine per 18 kilometer. Dat verschilt nauwelijks van de Fiat 500’s die je tegenwoordig kunt kopen. En dan hebben we het nog niet eens door de micro-plastics uit autobanden die onze leefomgeving vervuilen, doordat de auto’s ook zwaarder zijn geworden…
De geschiedenis van energiebronnen
Eenzelfde effect zien we bij de introductie van nieuwe energiebronnen. Bekijk bijvoorbeeld eens de volgende grafiek, waarin het energieverbruik per energiebron staat voor de afgelopen 200 jaar:

Let eens op de momenten waarop nieuwe energiebronnen geïntroduceerd werden. Tot 1850 werd er bijna alleen van biomassa gebruik gemaakt. Tussen 1850 en 1910 begon men kolen te gebruiken. Betekent dat dat er minder biomassa gebruik werd? Nee, er werd simpelweg meer energie gebruikt. Vervolgens komen olie en gas erbij. Betekent dat dat er minder kolen gebruikt werden? Nee, er zijn nog nooit zoveel kolen verbrand als vandaag de dag. Voorlopig geldt hetzelfde voor duurzame energiebronnen zoals zonne- en windenergie.
Moet je dan maar niet innoveren?
Nu zou je kunnen denken dat we dus maar beter niet kunnen werken aan besparingen en nieuwe technologieën, maar dat is ook niet waar. Allereerst betekent de Jevons paradox niet dat de besparingen ons geen goede dingen brengen. Onder andere door efficiëntere technieken is onze welvaart de afgelopen 100 jaar enorm toegenomen. Maar belangrijker nog is dat besparingen ons in staat stellen hetzelfde te doen met minder. In principe is het mogelijk om dezelfde hoeveelheid te reizen met minder milieu-vervuiling. Het probleem is niet dat het niet kan, het probleem is dat we het niet doen. Dus wat houdt ons tegen?
Hoe jij als individu tegen de Jevons paradox kunt vechten
In algemene zin hebben natuurlijk de overheid, bedrijven en individuen allemaal een eigen rol en verantwoordelijkheid als het aankomt op duurzaamheid. Het eerste wat je als individu moet doen, is je hiervan bewust zijn. De Jevons paradox betekent namelijk op individueel niveau dat we veel meer consumeren dan we eigenlijk nodig hebben. Dus kijk eens kritisch naar jezelf als consument: wat heb je echt nodig en wat niet?
Het voordeel daarvan is dat je een stuk goedkoper uit kunt zijn. De uiteindelijke oorzaak van de Jevons paradox is dat we nu eenmaal het geld hebben en dat we het dus ergens aan uit gaan geven. Het ‘risico’ is dus dat je geld over gaat houden, wat je dus bewust niet uit moet gaan geven. In plaats daarvan betekent het dat je minder kunt gaan werken en meer tijd kunt besteden aan dingen die je belangrijk vindt.
Ook de overheid heeft hier een grote rol in
De overheid heeft een grote rol heeft in het oplossen van de Jevons paradox, omdat de overheid grenzen stelt aan consumptie. Het fenomeen dat besparingen ongedaan gemaakt worden door een toename van de vraag, is alleen mogelijk doordat er geen grenzen gesteld worden. Dit kan door middel van beprijzen, verplichten of verbieden. En omdat we in Nederland in een democratie leven komt dit uiteindelijk toch ook weer neer op jou: stem op partijen die milieu-vervuiling niet zomaar aan de markt over laten! Wanneer zijn ook alweer de volgende verkiezingen?
Zoals gezegd, is bewustzijn van deze paradox belangrijk. Vind jij dat ook? Geef dan even een reactie op LinkedIn, zodat meer mensen zich hiervan bewust worden!
